Lagedrukgebieden trekken snel over de Atlantische Oceaan richting Schotland en Scandinavië. Tegen het einde van de week vormt zich een lagedrukgebied boven het Scandinavische Schiereiland dat daar enkele dagen blijft hangen. Dit laag verdringt de warmte boven Oost-Europa naar het zuiden en richting Rusland. Het leidt onstabiele en vrij koele zeestromingen naar het noordoosten van Europa, waarin af en toe regengebieden voorkomen.
In Polen en Duitsland wordt het weer vrij wisselvallig, met af en toe wat regen of buien. De maxima liggen rond 20 graden in Duitsland en rond 15 graden in Polen en de Baltische staten. In Engeland, de Benelux en Noord-Frankrijk dringen af en toe wat restwolken binnen, maar de kans op regen blijft beperkt.
In de Alpen, de Balkan en het zuidoosten van het Europese continent is het warm en onstabiel met kans op zware onweersbuien. De hitte neemt duidelijk af, waardoor de temperaturen draaglijker worden. Soms ontstaan er enkele buien.
In het Middellandse Zeegebied is het zomers en zonnig, maar er trekken enkele kortstondige onweersbuien over de Middellandse Zee, van Italië naar Griekenland en het westen van Turkije. In deze gebieden dalen de temperaturen tot tussen de 30 en 35 graden. De hitte concentreert zich in het westen van het Middellandse Zeegebied, met maxima van rond of boven 35 graden, van de Côte d’Azur via de Balearen tot in Andalusië. De hitte zal vooral in het binnenland van het Iberisch schiereiland zeer intens zijn met maxima die soms boven de 40 graden uitkomen.
Van Schotland tot Scandinavië is het koel en wisselvallig met af en toe regen. De maxima liggen over het algemeen rond 15 graden.
Legende van de frontkaarten
Oranje visgraatlijn: "convergentielijn" => duidt een zone aan waar de wind aan de oppervlakte samenstroomt. Deze convergentie aan de oppervlakte wordt geassocieerd met verticale opwaartse bewegingen, die vaak aanleiding geven tot een buienlijn of onweer. De convergentie kan in verband worden gebracht met twee samenkomende windfluxen, elk vanuit een verschillende richting, of met de aanwezigheid van een luchtlaag die warmer en vochtiger is dan zijn omgeving (thermische vore of thermisch lagedrukgebied).
Zwarte stippellijn: "trog"=> veroorzaakt verticale opwaartse bewegingen en leidt vaak tot stortbuien en/of een intensivering van de onweersactiviteit. In een trog is meestal een buienlijn aanwezig.
Rode lijn met halve cirkels : "warmtefront" => aanvoer van warmere lucht die vaak aanleiding geeft tot de vorming van een wolkenzone, die gepaard gaat met neerslag. Het front omvat de grens tussen de aangevoerde warme lucht en de koude lucht waarvan hij de plaats zal innemen. De positie van de halve rode cirkels toont de richting van de verplaatsing van het warmtefront.
Blauwe lijn met driehoeken : "koudefront" => aanvoer van koudere lucht die vaak aanleiding geeft tot de vorming van een wolkenzone, die gepaard gaat met neerslag. Het front omvat de grens tussen de aangevoerde koude lucht en de warme lucht waarvan hij de plaats zal innemen. De plaatsing van de driehoekjes duidt de richting aan waarin het koudefront zich verplaatst.
Paarse lijn met driehoeken en halve cirkels : "occlusiefront" => resultaat van de fusie tussen een warmte- en een koudefront. In het algemeen beweegt een koudefront sneller dan een warmtefront. Het haalt het warmtefront in om een uniek wolkensysteem te vormen, dat vaak aan de bron van neerslag ligt.
Afwisselend rode/blauwe lijn : "stationair front" => stationaire grens tussen een koude en een warme luchtmassa. De warme lucht bevindt zich achter de rode halve cirkels en de koude lucht bevindt zich achter de blauwe driehoeken.
Achtergrondafbeelding
Vind je onze achtergrondafbeelding maar niks? Geen probleem. Hier kan je te allen tijde de achtergrondafbeelding aan- of uitschakelen.